De blogs van deze week gaan over geloven. Waar geloven we aan als we aan God geloven, weten we dat nog?

 

Vertellen
Het was oma Jo die mij van God vertelde,
een nacht dat ik bij haar sliep in de Olofspoort.
Hij was het hoogste: Liefde; naar zijn woord
geschiedde; slaap je al? De bedbank helde

naar mijn kant over, in een hoek gerold
lag ik te wachten tot zij zou gaan snurken;
toen stapte ik om haar heen. Een trommel vol
oublies at ik leeg,in het donker, op mijn hurken.

Terwijl ik nadacht over God. Het kwaad
was tijdelijk, wat zou ze daarmee bedoelen?
De wekker tikte. Zeker was het al laat.
Maanlicht zat doodstil op de trijpen stoelen.
(Eva Gerlach, ‘Voorlopig verblijf’, AP. blz.12)

Blijf bij mij
Volgens Karl Rahner lijdt onze generatie aan Godsverduistering. Lijkt op een klein 5-jarig meisje dat haar ouders vraagt of ze even, vijf minuutjes maar, alleen in de kamer mag zijn met haar net geboren broertje. En of de deur dan op slot mag. De ouders staan een beetje perplex, maar denken opeens: we hebben een babyfoon – dus we horen alles. OK, laat haar maar. En dan horen ze hoe het meisje haar 3 dagen oude broertje vraagt: “Vertel jij me eens van God – ik kan ‘t zelf nauwelijks meer herinneren”.

Martelaar
Het woord komt van het Griekse ‘marturein’, dat ‘getuigen’ betekent. Het gaat om mensen die met hun leven getuigen van waar zij voor staan, waar ze in geloven.

Henk Bloem, pastor

Meer verdieping in de lezingen van komende zondag: lees hier