Project Description

Schriftlezingen. 1 Kon. 19.16b,19-21; Galaten 5.1,13-18 en Luc. 9.51-62

Elisa is blijkbaar landarbeider. Twaalf koppels ossen! Niet mis. Twaalf: symbool voor de twaalf stammen. Elisa wordt ingekleed als profeet. Hij krijgt de beroepskleding door Elia toegeworpen om hem op te volgen. Wie volgt? Elisa wil “(eerst) afscheid nemen van zijn vader en moeder”. Lijkt logisch en fatsoenlijk. Hier gaat ‘t echter niet om fatsoen. Hier is het alles of niets. Hij moet kiezen: graag of geheel niet! In Lucas 9.59 wil een leerling eerst nog zijn vader begraven. Dat wordt afgewezen! Dat is niet zijn roeping. Hij moet kiezen. We zien het ook waar Jezus het luisteren naar Gods woord stelt boven de bloedband met zijn moeder (Mc. 3.31-35). Familiebanden kunnen ook afbinden.

Goed om te zien dat ‘in de steek laten van de ossen’ hetzelfde woord is als het ‘in de steek laten van de Heer’ in vers 10-11. Je voelt hoe moeilijk en hoe ingrijpend de keuze is. Bovendien vraagt hij afscheid te mogen nemen met een kus [verdwenen in Ned. vertaling] zoals de Baälvereerders hun godenbeeld kusten. (vers 18). De keuze voor afscheid nemen is dus als de keuze voor afgoden!! Heftig! De verbranding van de ossen symboliseert dat hij alle schepen achter zich verbrandt.

Met Luc. 9.51 richt Jezus zich vastberaden op Jeruzalem, op zijn ‘weggenomen worden’ of beter ‘opgenomen worden’. Het is niet een verhaal van een tragische afloop. Jezus kiest voor dit doel. “Hij verstrakte zijn gelaat”, zegt de Griekse tekst. Daar zit moed, vastberadenheid in, en ook besef dat het geen gemakkelijke weg zal zijn. De Samaritanen willen niks van zijn oriëntatie op Jeruzalem weten. Gaat het alleen om de plaats Jeruzalem? Of voelen ze al dat dat slecht moet aflopen? De leerlingen denken aan een glorieuze intocht in de hoofdstad Jeruzalem. Voor hen is Jeruzalem de kroon op Jezus’ werk – daar moet alles voor wijken. Jezus zelf gaat er met een boog omheen – naar een ander dorp. Vredelievend? Goede betrekkingen? Bij Lucas staan de Samaritanen er positief op: (zie Luc. 10.33; 17.16)  dat zou hier ook zo kunnen zijn!

Drie keer dient zich onderweg een aspirant volgeling aan. Drie keer zegt Jezus in het intake gesprek dat er een echte keuze gemaakt moet worden. Geen half-half. Drie keer horen we niet hoe het afloopt. Open eind! Is dat omdat de lat te hoog gelegd wordt – zoals bij de rijke jongeling die afdruipt? Is het om de lezer in dit proces te betrekken en hem voor de keuze te stellen? De eerste kandidaat volgeling wordt door Jezus afgeremd: Bezint eer ge begint: Je bent alle houvast kwijt. De tweede wil eerst (zegt het Grieks) zijn plicht als zoon na komen. Maar hij hoort: het is of-of. Je kunt niet op twee benen hinken. De derde wil ook meerdere ballen tegelijk in de lucht houden. En doordat er 3 keer niet verteld wordt wát ze antwoorden en doen worden we steeds herinnerd aan Jezus’ vastberaden keuze: Hij heeft gekozen voor de weg naar Jeruzalem; en al het andere is daaraan ondergeschikt. En: ‘zo Meester, zo leerling’. Of niet?

Henk Bloem, pastor

Voor blogs bij de lezingen van deze zondag: lees hier