Schriftlezingen:  Jon  3.1-5.10 ; 1 Kor 7,29-31-; Mac 1.14-20

De grote stad Ninive krijgt een donderpreek van Jonas. De Niniviten trekken zich de preek aan, doen boete, trekken het boetekleed aan en God gaat om: Hij krijgt spijt, en voert zijn dreiging niet uit. De Niniviten gaan nog uit van ’t principe dat je Gods liefde kunt verdienen, dat je er recht op hebt. Voor wat hoort wat: de boete van de Niniviten om God gunstig te stemmen. God wordt hier heel antropomorf voorgesteld, lijkt wel een toneelpersonage.
Dat zegt ook iets over Paulus’ schrijven aan de Corinthiërs. Ook dat is een waarschuwingsbrief.: “zij die met het aardse omgaan, moeten er niet op ingaan.” Deze wereld is niet alles, en duurt niet eeuwig. Of, nog concreter, het houdt een keer op. En dan…hoe verder…

En dan het evangelie: ”Nadat Johannes gevangen genomen was -net als later met Jezus gebeurt-komt Jezus met de Blijde Boodschap. Geen halve maatregelen. Neen: “De tijd is vervuld.“ Het is zover! Maar dan gaat hij niet verder met “ik” moet aan de slag, maar: hij roept leerlingen hem te volgen. Hij brengt een beweging op gang, steeds volgens het vaste patroon: Jezus komt langs –  Spreekt hen aan – er is een zekere verwantschap,: vissers en Jezus – laten alles achter – ze volgen hem.

Voortaan zullen ze mensen “vissen”, van de ondergang redden.

Emeritus-pastor Henk Bloem